Vorige week mocht ik de openingskeynote verzorgen op het Workforce Management Congres van Vlirdens . Een paar honderd mensen in een grote festivaltent op landgoed Zonheuvel in Doorn. Een prachtige locatie. Een onderwerp dat dicht bij me ligt. Een verhaal waar ik me goed op had voorbereid: Van plannen naar matchen.

Ik had er zin in.

En toen liep alles anders.

Mijn laptop crashte volledig. Zelfs een harde reset hielp niet meer. Vervolgens bleek de verbinding met het scherm niet te werken. De klikker deed het niet. Later viel ook mijn geluid uit en moest midden op het podium mijn headset worden vervangen.

Normaal gesproken zou je zeggen: dat is pech.

Maar achteraf denk ik dat de ochtend over iets heel anders ging.

Over ongemak.

We willen veranderen, maar niet het ongemak voelen

We praten veel over verandering. Over innovatie. Over transformatie. Over een leven lang ontwikkelen. Over leiderschap.

Maar wat we vaak vergeten, is dat verandering bijna altijd begint met ongemak.

Toch besteden we een groot deel van ons leven aan het vermijden ervan.

We willen zekerheid. Controle. Voorspelbaarheid.

We willen dat de techniek werkt. Dat mensen doen wat we verwachten. Dat de planning klopt.

En als dat niet gebeurt, voelen we spanning.

Dat gebeurde die ochtend ook.

Door files en slecht weer besloot de organisatie de start twee keer uit te stellen. In totaal een half uur.

De mensen die al aanwezig waren stonden te wachten in een afgesloten tent. Het werd warm. Onrustig. De energie veranderde.

Ondertussen stond ik achter het podium.

Klaar om te beginnen.

En wachtte ik.

Niet wetend hoe de ochtend zou verlopen.

Daar begint leren

Wat me steeds meer opvalt, is dat leren vaak begint op het moment dat de werkelijkheid niet meer voldoet aan onze verwachtingen.

Wanneer het script wegvalt.

Wanneer controle minder vanzelfsprekend wordt.

Wanneer je moet improviseren.

Dat geldt op een podium.

Maar net zo goed in organisaties.

Bij veranderingstrajecten.

In teams.

In relaties.

In het leven.

Zodra dingen anders lopen dan gepland, ontstaat er een keuze.

Verzet ik me tegen wat er gebeurt?

Of blijf ik aanwezig?

Niet vertrekken met je aandacht

Toen de techniek opnieuw uitviel en een geluidstechnicus het podium op moest komen om mijn headset te vervangen, voelde ik iets wat veel mensen herkennen.

De neiging om weg te willen.

Niet letterlijk.

Maar met je aandacht.

Afhaken. Afsluiten. Je ergens anders op richten.

Dat doen we allemaal.

Bij feedback. Bij conflicten. Bij onzekerheid. Bij verandering.

Zodra het ongemakkelijk wordt, vertrekken we vaak.

Niet met ons lichaam.

Maar wel met onze aanwezigheid.

Dus benoemde ik het.

"Blijf erbij."

Dit is ongemak.

Dit is precies waar verandering over gaat.

Niet direct oplossen. Niet wegduwen. Niet analyseren.

Eerst ervaren.

Een tent vol leven

Alsof het universum de boodschap nog wat kracht wilde bijzetten, begon het vervolgens hard te regenen.

Mensen die buiten op het festivalterrein stonden te praten, kwamen massaal de tent binnen om te schuilen.

Logisch natuurlijk.

Alleen namen ze hun gesprekken mee.

Het geroezemoes achterin werd steeds luider.

Voorin zaten mensen aandachtig te luisteren.

Achterin ontstond steeds meer afleiding.

Ik voelde irritatie opkomen.

Misschien zelfs boosheid.

Niet omdat mensen slechte bedoelingen hadden.

Integendeel.

De meesten hadden waarschijnlijk niet eens door welke impact hun gedrag had op de rest van de zaal.

Toch voelde ik dat ik iets te doen had.

Niet eroverheen praten.

Niet doen alsof er niets aan de hand was.

Maar ook niet aanvallen.

Dus ik stopte.

Ik benoemde wat er gebeurde.

Duidelijk.

Stevig.

Maar zonder de verbinding te verliezen.

Ik voelde de boosheid in mezelf. Tegelijkertijd voelde ik ook dat die mensen geen kwaad wilden. Dat ze zich simpelweg niet bewust waren van hun effect op de groep.

Misschien was dat wel het interessantste moment van de hele ochtend.

Niet een slide.

Niet een AI-demo.

Niet een statistiek.

Maar het simpelweg aanwezig blijven bij wat er was.

Ongemak als trainingsruimte

Steeds vaker zie ik ongemak als een trainingsruimte.

Niet als iets dat weg moet.

Niet als een fout in het systeem.

Maar als een uitnodiging.

Want hoe meer je leert aanwezig te blijven bij ongemak, hoe groter je vermogen wordt om te leren.

Om te veranderen.

Om te groeien.

Natuurlijk vraagt dat ook grenzen.

Je hoeft jezelf niet overal in te gooien.

Je hoeft niet elk ongemak op te zoeken.

Maar wanneer je stevig staat, kun je bewust kiezen voor een dosis ongemak die je aankunt.

Niet om jezelf te bewijzen.

Maar om te ontdekken wat er werkelijk onder zit.

Vaak blijkt het minder eng dan je dacht.

De vraag is niet: hoe dan?

Na een verhaal als dit krijg ik vaak dezelfde vraag.

"Maar hoe doe je dat dan?"

Een logische vraag.

En misschien tegelijkertijd de verkeerde vraag.

Want zodra we vragen hoe, schieten we vaak weer naar ons hoofd.

Naar oplossingen. Methodes. Stappenplannen.

Terwijl de uitnodiging juist ergens anders zit.

In voelen.

In eerlijk worden.

In durven toegeven dat je het niet weet.

In nieuwsgierig blijven naar wat er in jezelf gebeurt.

Daar ontstaat leervermogen.

Niet op het moment dat je een antwoord vindt.

Maar op het moment dat je aanwezig kunt blijven zonder antwoord.

De mooiste feedback van de dag

Na afloop kwam iemand naar me toe.

"Mag ik iets vragen?"

"Natuurlijk."

"Hoorde dat uitvallen van de techniek eigenlijk bij je script?"

Ik moest lachen.

Nee.

Absoluut niet.

Maar misschien zat daar juist de les van die ochtend.

Verandering laat zich zelden plannen.

Het leven houdt zich niet aan onze draaiboeken.

En misschien zit groei niet in het perfect uitvoeren van het plan.

Maar in het vermogen om aanwezig te blijven wanneer het plan verdwijnt.

Ik oefen daar nog iedere dag mee.

Meer ontspannen in de spanning.

Meer spelen.

Meer vertrouwen.

Niet omdat ik daar al ben.

Maar omdat ik steeds vaker zie dat precies daar iets nieuws kan ontstaan.