We praten veel over wat AI van ons gaat overnemen. Banen, taken, administratie, analyses, planning. Misschien zelfs een deel van ons denken.

Maar ik vind een andere vraag eigenlijk veel interessanter: wat komt ervoor terug?

Stel je eens voor dat AI niet iets is waartegen je jezelf moet beschermen, maar iets dat je helpt om steeds meer werk los te laten dat je eigenlijk helemaal niet wilt doen. De administratie, de eindeloze mails, terugkerende analyses, lijstjes, standaardrapportages en vergaderingen waarin we vooral informatie uitwisselen die een AI-agent allang had kunnen verzamelen en samenvatten.

Stel dat we dat allemaal stap voor stap kunnen loslaten.

Hoe zou jij je werkdag dan vormgeven?

We mogen best wat meer dromen

Als AI Evangelist kom ik regelmatig bij organisaties om mensen mee te nemen in wat er technologisch op ons afkomt. Ik praat over AI, skills, matching, agents en de toekomst van werk.

Maar ik merk steeds vaker dat een ander deel van mijn werk minstens zo belangrijk is: mensen helpen om te verlangen naar die toekomst.

Want verandering organiseren we vaak vanuit pijn en urgentie. We hebben te weinig mensen. De productiviteit moet omhoog. De kosten zijn te hoog. De arbeidsmarkt zit vast. We moeten digitaliseren. We moeten iets met AI. Mensen moeten ontwikkelen en veranderen.

En soms is dat allemaal waar. Soms moet je ook gewoon eerlijk benoemen wat niet meer werkt.

Maar pijn is niet de enige manier om in beweging te komen.

Je kunt mensen ook verleiden. Door samen een toekomst voor te stellen waar je graag naartoe wilt. Een toekomst waarin werk niet alleen sneller en efficiënter wordt, maar waarin technologie ons ruimte geeft om juist menselijker te worden.

Ik geloof steeds meer dat verlangen een enorme veranderkracht heeft. Als je echt kunt voelen hoe je zou willen werken en leven, worden andere keuzes ineens veel logischer.

Hoe ziet mijn ideale werkdag eruit?

Dus laat ik die oefening eens bij mezelf doen.

Ik word ontspannen wakker. Mijn dag begint niet met een inbox die bepaalt wat er van mij verwacht wordt. Ik neem eerst tijd om te bewegen, stil te zijn en in mijn lichaam te komen. Even voelen hoe het eigenlijk met me gaat voordat ik bepaal waar ik mijn aandacht aan wil geven.

Daarna wil ik vooral mensen ontmoeten waar ik energie van krijg. Niet omdat er toevallig een overleg van zestig minuten in mijn agenda staat, maar omdat we samen iets willen ontdekken, maken of veranderen.

Ik wil goede gesprekken voeren. Mensen bij elkaar brengen die elkaar nog niet kennen. Iemand helpen die ergens vastloopt en daar zelf ook weer energie van krijgen. Een onverwachte verbinding leggen. Samen een idee bedenken waardoor een probleem dat jarenlang ingewikkeld leek ineens veel eenvoudiger wordt.

En ik wil ruimte hebben. Om naar buiten te gaan. Te bewegen. Te eten. Te lachen. Na te denken. Soms even helemaal niets te doen.

Want misschien ontstaat juist daar wel het beste idee van de dag.

Ik wil mezelf niet meer beoordelen op hoe hard of hoeveel ik heb gewerkt. Eén goed idee kan meer waarde hebben dan een hele week druk zijn. Eén gesprek waarin je iemand werkelijk raakt kan belangrijker zijn dan twintig Teams-calls. Eén goede verbinding kan iets in beweging zetten wat honderd PowerPoints niet voor elkaar krijgen.

Dat is voor mij geen luiheid. Dat is misschien wel een veel intelligentere manier van werken.

Wat als elke dag een beetje vakantie mag bevatten?

In mijn ideale toekomst zou ik zelfs steeds minder onderscheid willen maken tussen een werkdag, een weekenddag en een vakantiedag.

Niet omdat ik altijd wil werken. Juist niet.

Maar omdat werken en leven wat mij betreft veel meer door elkaar heen mogen lopen. Elke dag mag ontspanning bevatten, verbinding, creativiteit en momenten waarop je iets betekenisvols doet voor een ander. En ook tijd waarin helemaal niets hoeft.

Natuurlijk zullen er altijd minder leuke dingen zijn die gedaan moeten worden.

Maar waarom zouden wij die zelf blijven doen als technologie ze steeds beter kan overnemen?

Maak jezelf een beetje overbodig

Dat brengt me bij een gedachte die ik steeds aantrekkelijker vind: wat als je iedere dag probeert een klein stukje van je eigen werk overbodig te maken?

Ik snap dat dat bedreigend kan klinken. We hebben geleerd om zekerheid te ontlenen aan onze functie, onze expertise en aan het feit dat anderen ons nodig hebben.

Maar voor mij begint het steeds meer als vrijheid te klinken.

Als AI vandaag iets kan doen waar ik gisteren nog tijd aan kwijt was, ontstaat er ruimte om morgen iets nieuws te leren, te creëren of bij te dragen.

Het wordt pas echt bedreigend als we geloven dat onze waarde gelijkstaat aan onze huidige taken.

Maar jij bent toch niet je administratie? Je bent niet je CRM, je wekelijkse rapportage of de vergadering die je iedere dinsdag organiseert. En uiteindelijk ben je ook niet je functieomschrijving.

De interessantere vraag is wat mij betreft: waar kan jij van waarde zijn als een deel van wat je vandaag doet morgen niet meer nodig is?

We zijn ontzettend druk met problemen in stand houden

Als je eerlijk naar veel organisaties kijkt, zie je enorm veel mensen heel hard werken.

Maar hard werken en betekenisvol werken zijn niet hetzelfde.

Een groot deel van onze tijd gaat naar vragen beantwoorden, informatie zoeken, processen repareren, fouten herstellen, rapportages maken en brandjes blussen. En een maand later zijn er nieuwe rapportages, nieuwe escalaties en nieuwe brandjes.

Niet omdat mensen hun werk niet goed doen. Integendeel.

Maar omdat we organisaties hebben gebouwd waarin heel veel menselijke energie nodig is om de complexiteit van diezelfde organisatie te verwerken.

En precies daar zie ik een enorme kans voor AI.

Laat AI informatie verzamelen, patronen herkennen, processen bewaken, voorstellen voorbereiden en een deel van het repetitieve denkwerk overnemen.

Dan kunnen wij misschien eindelijk wat vaker de vraag stellen: waarom ontstaat die brand eigenlijk iedere keer opnieuw?

Misschien kunnen we dan stoppen met alleen harder werken in het systeem en eindelijk tijd maken om het systeem zelf te veranderen.

Als denken overvloedig wordt, wat wordt dan waardevol?

Dat vind ik één van de fascinerendste ontwikkelingen van dit moment.

Een groot deel van kenniswerk bestaat uit informatie vinden, structureren, analyseren, formuleren en combineren. Precies daarin wordt AI razendsnel beter.

AI kan tientallen scenario's bedenken waar wij er misschien drie bedenken. Het kan verbanden vinden die wij missen, ons tegenspreken en perspectieven aandragen waar we zelf niet op waren gekomen.

Dat hoeft menselijk denken niet minder belangrijk te maken.

Misschien helpt het ons juist om los te komen van de eindeloze herhaling van onze eigen denkpatronen.

En misschien wordt daardoor iets anders belangrijker: kunnen voelen wat ertoe doet. Betekenis geven. Keuzes maken. Vertrouwen creëren. Iemand werkelijk zien. Mensen verbinden. Spelen, verbeelden, creëren en verantwoordelijkheid nemen voor wat we met al die intelligentie willen doen.

Technologie kan ons steeds beter helpen bedenken hóe iets kan. De vraag wat we eigenlijk willen, blijft van ons.

Dus: hoe ziet jouw ideale werkdag eruit?

En dan bedoel ik niet je huidige werkdag met Copilot erbij. Ook niet acht uur werken waarvan AI er twee voor je automatiseert.

Droom eens groter.

Stel dat technologie een groot deel kan overnemen van het werk dat jou energie kost. Dat je meer vrijheid krijgt om te kiezen met wie je werkt, wanneer je werkt en waaraan je werkt.

Wat zou je dan doen?

Met wie zou je meer tijd willen doorbrengen? Welk probleem zou je echt willen oplossen? Wat zou je willen maken of creëren? Wat zou je direct aan AI willen uitbesteden?

En misschien nog interessanter: welk onderdeel van je werk zou je nóóit aan AI willen uitbesteden?

Ik vermoed dat daar iets belangrijks zit.

Stel die vraag ook eens aan je team

Ik denk dat dit een veel interessantere start van een AI-transformatie kan zijn dan de zoveelste roadmap.

Vraag niet alleen: hoe kunnen we AI implementeren? Vraag eens: hoe willen we eigenlijk dat werken hier over vijf jaar voelt?

Laat mensen hun ideale werkdag beschrijven. Vraag welk werk ze het liefst kwijt willen, welk werk ze juist veel meer zouden willen doen en welke bijdrage ze zouden willen leveren als tijd en capaciteit veel minder beperkend worden.

Leg die beelden vervolgens naast elkaar.

Misschien blijkt dat bijna niemand verlangt naar meer meetings of rapportages. Misschien willen mensen meer tijd voor klanten, collega's, vakmanschap, creativiteit en echte problemen oplossen.

Dan wordt de volgende vraag ineens heel concreet: wat moeten we vandaag anders organiseren om die toekomst mogelijk te maken?

Op dat moment is AI niet langer een technologieproject. Het wordt een middel waarmee we werk opnieuw kunnen ontwerpen.

Ik wil liever verlangen dan vrezen

Ik weet niet precies hoe de toekomst van werk eruitziet. Niemand weet dat.

Maar ik weet wel vanuit welk vertrekpunt ik hem liever vormgeef. Niet vanuit angst om onze huidige banen en taken koste wat kost te beschermen, maar vanuit nieuwsgierigheid naar wat er mogelijk wordt als technologie steeds meer van het werk kan overnemen dat ons nu bezighoudt.

Misschien hoeven we niet alleen bang te zijn dat AI ons werk overneemt. Misschien mogen we ook hopen dat AI heel veel van ons werk overneemt.

Zodat wij ruimte krijgen om weer iets nieuws te doen. Om betekenisvoller te zijn. Om werk te doen waar we energie van krijgen en waarmee we iets toevoegen dat er zonder ons niet zou zijn geweest.

Niet alleen efficiënter. Maar vrijer, creatiever, meer verbonden en misschien zelfs een beetje gelukkiger.

Dus stel jezelf eens één vraag: als je morgen wakker wordt en AI heeft al het werk overgenomen waar je eigenlijk vanaf wilde, hoe ziet jouw ideale dag er dan uit?

Begin met dromen

Wil je daar niet alleen over nadenken, maar er ook echt mee aan de slag? Met jezelf, je team, je organisatie of je netwerk?

Begin dan eens niet met een AI-strategie, roadmap of implementatieplan. Begin met samen dromen over hoe je zou willen werken als veel van wat je vandaag bezighoudt straks niet meer hoeft.

Dat is ook wat ik graag met organisaties doe: laten zien wat AI mogelijk maakt en vervolgens samen onderzoeken wat dat betekent voor mensen, werk en de manier waarop we organisaties vormgeven.

Want echte beweging begint volgens mij niet bij het plan. Dat plan kan AI steeds beter voor ons maken. De richting moeten we zelf kiezen.

En daarvoor moeten we eerst durven dromen.